In het kort: een goede nagalmtijd op kantoor ligt meestal tussen 0,4 en 0,8 seconden, afhankelijk van het type ruimte: korter in een belcel, langer in een representatieve ontvangstruimte. Nederland kent geen aparte wettelijke nagalmtijd-norm voor gewone kantoren (zoals wel bestaat voor scholen), maar de internationale normen NEN-EN-ISO 3382 en ISO 22955 geven de erkende meetmethode en richtwaarden. Hieronder lees je wat die cijfers betekenen, hoe een meting werkt en wanneer die de moeite waard is.
Wat is nagalmtijd precies?
Nagalmtijd (ook wel RT60 genoemd) is de tijd die geluid nodig heeft om 60 decibel in volume af te nemen nadat de geluidsbron is gestopt. Praktisch gezegd: hoe lang een geluid in een ruimte “blijft hangen” nadat iemand is opgehouden met praten of een stoel is verschoven. Hoe harder en kaler de oppervlakken in een ruimte (glas, beton, gipsplaat), hoe langer het geluid weerkaatst en hoe hoger de nagalmtijd.
Een te hoge nagalmtijd zorgt voor een “holle” akoestiek, stapelend achtergrondgeluid gedurende de dag en een lagere spraakverstaanbaarheid: je verstaat een collega aan de andere kant van de tafel minder goed, waardoor mensen harder gaan praten en het geluidsniveau verder oploopt.
Is een akoestische meting verplicht op kantoor?
Nee, voor een regulier kantoor bestaat in Nederland en België geen wettelijk verplichte nagalmtijd-norm zoals die er wel is voor onderwijsruimtes. Wat wel geldt: de Arbowet verplicht werkgevers in algemene zin om een werkomgeving te bieden die niet schadelijk is voor de gezondheid, en aanhoudende geluidsoverlast kan daaronder vallen als medewerkers daar klachten over melden. Een akoestische meting is dus zelden een juridische verplichting, maar wel een praktisch hulpmiddel om een vaag “het is hier te lawaaierig” om te zetten in een concreet, oplosbaar probleem.
Een meting is vooral zinvol wanneer er concrete klachten zijn over galm of concentratieproblemen, vóór een verbouwing of herinrichting van een kantoortuin, of als onderdeel van een certificering zoals WELL of BREEAM, waarin akoestische prestatie-eisen zijn opgenomen.
Wat is een goede nagalmtijd? Richtwaarden per ruimtetype
Er bestaat niet één universeel getal: de gewenste nagalmtijd hangt af van de functie van de ruimte. In de akoestische adviespraktijk worden doorgaans de volgende richtwaarden gehanteerd:
| Ruimtetype | Richtwaarde nagalmtijd |
|---|---|
| Belcel of concentratieplek | circa 0,3 tot 0,4 seconden |
| Open kantoortuin | circa 0,4 tot 0,6 seconden |
| Kleine vergaderruimte (tot 10 personen) | circa 0,4 tot 0,6 seconden |
| Grote vergaderruimte of boardroom | circa 0,6 tot 0,8 seconden |
| Kantine of informele ruimte | circa 0,6 tot 0,8 seconden |
| Entree of representatieve ontvangstruimte | circa 0,6 tot 1,0 seconden |
Deze waarden zijn richtwaarden uit de akoestische praktijk, geen harde wettelijke norm. Voor kleinere of besloten kantoorruimtes wordt in de praktijk ook weleens een strakkere bandbreedte van 0,5 tot 0,6 seconden aangehouden. Belangrijker dan het exacte getal is de balans: te kort voelt steriel en “dood”, te lang zorgt voor galm en een slechte spraakverstaanbaarheid.
Hoe wordt nagalmtijd gemeten? NEN-EN-ISO 3382 uitgelegd
De internationale norm voor het meten van nagalmtijd in gewone ruimtes is NEN-EN-ISO 3382-2 (Acoustics, measurement of room acoustic parameters, deel 2: reverberation time in ordinary rooms). Een akoestisch adviseur meet hierbij met een geluidsbron (bijvoorbeeld een ruisbron of een impulsgeluid) en een meetmicrofoon op meerdere posities in de ruimte, meestal op ongeveer 1,5 meter hoogte. Uit de afname van het geluidsniveau na het stoppen van de bron wordt de T20 of T30-waarde berekend: de tijd die het geluid nodig zou hebben om met 60 decibel af te nemen, geëxtrapoleerd uit de eerste 20 of 30 decibel afname.
Specifiek voor open kantoorruimtes bestaat sinds 2021 ook NEN-EN-ISO 3382-3, dat niet alleen de nagalmtijd meet maar ook hoe geluid zich over de afstand tussen werkplekken verspreidt (de ruimtelijke geluidsafname) en de spraakverstaanbaarheid tussen bureaus.
ISO 22955: de norm specifiek voor open kantoren
Naast de meetmethode in de ISO 3382-reeks bestaat sinds 2021 ook ISO 22955, de norm die specifiek ingaat op de akoestische kwaliteit van open kantoorruimtes. Deze norm koppelt akoestische eisen aan het type activiteit dat in een zone plaatsvindt, zoals geconcentreerd werken, telefoneren of samenwerken in kleine groepen, en geeft richtlijnen voor onder meer nagalmtijd, achtergrondgeluidniveau en spraakverstaanbaarheid per zone. Voor wie een kantoortuin opnieuw inricht of een akoestisch verbeterplan laat opstellen, is dit de meest relevante norm om naar te vragen bij een adviseur of leverancier.
Zelf een eerste inschatting maken, of meteen een adviseur inschakelen?
Een volledige meting volgens NEN-EN-ISO 3382 vraagt gekalibreerde apparatuur en een akoestisch adviseur. Een eerste, grove inschatting kan echter zelf: klap eenmaal hard in je handen midden in de ruimte. Hoor je een duidelijke, naijlende galm, dan wijst dat op een te hoge nagalmtijd. Klinkt het geluid direct dof en “dood”, dan zit het probleem eerder in geluidsverspreiding dan in nagalm, en vraagt dat om een andere oplossing.
Wil je na deze eerste inschatting direct praktisch aan de slag, van meting tot oplevering? Lees dan ons stappenplan Akoestiek op kantoor verbeteren: het 4-stappenplan van meting tot oplevering, waarin we per stap toelichten wat je zelf kunt doen en wanneer je een adviseur inschakelt.
Wat kost een akoestische meting en wie voert die uit?
Een akoestisch adviesbureau voert de meting doorgaans uit met gekalibreerde meetapparatuur volgens NEN-EN-ISO 3382, en levert een rapport met de gemeten nagalmtijd per ruimte of zone, vergeleken met de richtwaarden voor dat ruimtetype. De kosten hangen sterk af van het aantal ruimtes en de omvang van het pand. Bij een beperkte herinrichting, zoals een akoestische vergaderruimte, is een meting vaak optioneel: een ervaren leverancier van akoestische oplossingen kan op basis van het type ruimte en de gebruikte materialen ook zonder volledige meting een onderbouwd advies geven, en achteraf een nameting doen om het resultaat te bevestigen.
Veelgestelde vragen
Is een akoestisch onderzoek verplicht op kantoor?
Nee, voor een regulier kantoor is een akoestisch onderzoek niet wettelijk verplicht in Nederland of België. Het wordt wel aanbevolen bij aanhoudende klachten, vóór een herinrichting, of als onderdeel van een duurzaamheidscertificering zoals WELL of BREEAM.
Wat is een goede nagalmtijd voor een kantoor?
Voor een open kantoortuin wordt doorgaans een nagalmtijd van 0,4 tot 0,6 seconden als goed beschouwd, voor een grotere vergaderruimte 0,6 tot 0,8 seconden en voor een belcel of concentratieplek 0,3 tot 0,4 seconden. Dit zijn richtwaarden uit de akoestische praktijk, geen wettelijke norm.
Hoe meet je de nagalmtijd van een ruimte?
Volgens NEN-EN-ISO 3382-2 gebeurt dit met een geluidsbron en een meetmicrofoon op meerdere posities in de ruimte. Uit de gemeten afname van het geluidsniveau na het stoppen van de bron wordt de nagalmtijd berekend (de T20 of T30-waarde). Voor open kantoorruimtes is er met NEN-EN-ISO 3382-3 een aanvullende methode die ook de geluidsverspreiding tussen werkplekken meet.
Welke norm geldt specifiek voor open kantoorruimtes?
ISO 22955 (2021) is de norm die specifiek ingaat op de akoestische kwaliteit van open kantoren en koppelt eisen aan het type activiteit per zone, zoals geconcentreerd werken of telefoneren.
Bronnen
- NEN-EN-ISO 3382-2: Acoustics, measurement of room acoustic parameters, part 2: reverberation time in ordinary rooms
- NEN-EN-ISO 3382-3: open-plan offices
- ISO 22955:2021, Acoustic quality of open office spaces
- Richtwaarden nagalmtijd per ruimtetype: RT60 nagalmtijd meten in kantoren, Basystemen, Wat is de ideale nagalmtijd voor een kantoor, CEKA Nederland
Kolf- en gebedsruimtes, akoestiek en volledige inrichting. We antwoorden binnen 1 werkdag.
Laatst bijgewerkt op 7 november 2026 door Stijn Belmans

